INSTALLATIE-HANDLEIDING VOOR HET INSTALLEREN VAN BADKAMERS.
De Installatie Handleiding is primair gemaakt voor personen welke direct betrokken zijn bij de installatie en levering van sanitair.
Doel van de handleiding is een wijze van werken te bewerkstelligen die eensluidend is en duidelijkheid schept in het totale proces.
CONTROLE VAN DE GEREALISEERDE WATERLEIDING-INSTALLATIE
Waterleidinginstallaties welke na betegeling van de ruimte, na het aanbrengen van de vloer, of na het installeren van sanitair en toestellen aan het zicht zijn onttrokken dienen te worden gecontroleerd op lekkages en deugdelijkheid van de gebruikte materialen.
In de meeste gevallen bestaat de installatie uit een aanpassing of uitbreiding van een reeds bestaande installatie.
Het nieuw aangelegde gedeelte dient, alvorens deze wordt weggewerkt, te worden getest door het onder druk zetten van de installatie en het visueel inspecteren op lekkages of gebreken. Indien er leidingen zijn geïnstalleerd welke na montage niet meer zichtbaar zijn dient de controle te worden uitgevoerd door het afpersen van de leidingen middels een afperstoestel voorzien van een nauwkeurige gebruiksmanometer volgens DIN 16005 1,6, kastdiameter 63mm met een bereik van 0 - 1600 kPa. De afpersdruk dient 10 bar te bedragen.
Alvorens de nieuwe installatie wordt aangesloten op de bestaande installatie dient deze inspectie plaats te vinden waarbij er een doorkoppeling tussen de warm en koudwaterleiding dient te worden aangebracht om beide installaties gelijktijdig te kunnen inspecteren.
Om reeds gemonteerde toestellen te beschermen tegen overdruk dienen
deze te worden afgesloten middels een afsluiter of te worden ontkoppeld van de installatie.
CONTROLE WATERTEMPERATUUR - LEGIONELLA PREVENTIE
Na het gereedkomen van de installatie dient de watertemperatuur van de warmwaterleidinginstallatie te worden vastgesteld op de aanwezige tappunten middels een thermometer met een bereik van 10 - 100 graden celsius en met een afleesbaarheid van 1 graad celsius.
De watertemperatuur dient te worden afgesteld op 65 graden celsius daar rekening moet worden gehouden met een gebruiksonzekerheid van de thermometer van +/- 4 graden celsius.
Bij een watertemperatuur van 60 graden celsius of hoger treedt geen legionella groei maar afsterving op.
Indien meting van de watertemperatuur een waarde van minder dan 60 graden celsius oplevert dient de eigenaar/gebruiker van de installatie onmiddelijk op de hoogte te worden gesteld.
Indien ETEB het toestel levert en/of installeert dient U de watertemperatuur op de vereiste hoogte in te stellen.
DOORSPOELEN VAN DRINKWATERINSTALLATIES
Voordat een drinkwaterinstallatie in bedrijf wordt genomen moet deze worden gereinigd. Het reinigen moet geschieden na het uitvoeren van de persproef.
Leidingen met een inwendige diameter kleiner dan 100mm kunnen worden
gereinigd door middel van doorspoelen met drinkwater.
De leidingen moeten zolang worden doorgespoeld, dat een hoeveelheid
drinkwater van tenminste 20 maal de inhoud van de leiding is doorgestroomd.
Dit betekent, dat bij een watersnelheid van 2 meter per seconde tenminste een doorspoeltijd moet worden aangehouden van 10 seconden per meter te reinigen leidinglengte.
Voor de aanvang van het doorspoelen moeten toestellen, perlators, zeefringen, etc. waarvan verwacht mag worden dat hierin vuil en resten achterblijven worden gedémonteerd.
VOLUMESTROOM TER PLAATSE VAN HET TAPPUNT
De drinkwaterinstallatie moet zodanig zijn uitgevoerd dat:
-onder normale omstandigheden de bij de toestellen nodige gebruiksdruk
tenminste aanwezig is
-de voor het doel beoogde volumestroom en gebruiksdruk aan de desbetreffende tappunten beschikbaar is
Voor het meten van de volumestroom uit de diverse tappunten dient gebruik te worden gemaakt van de doorstroommeter.
Deze doorstroommeter dient een bereik te hebben van 4 - 8 liter per minuut met afleesbaarheid van 0,2 liter per minuut en een gebruiksonzekerheid van +/- 5%.
Onderstaande volumestromen zijn de gebruikelijke volumestromen welke aan het tappunt kunnen worden onttrokken bij een gebruiksdruk van 100 kPa. Een volumestroom kan door wisselende gebruiksdruk afwijken van de richtwaarden.
De gebruikelijke volumestroom voor de warmwatertoevoer naar de mengkranen is gebaseerd op een warmwatertemperatuur van 60 graden celsius of hoger.
De waarden zijn aangegeven in liters per seconde.
Koud Warm
- vlotterkraan stortbak 0,042 -
- fonteinkraan 0,042 -
- wastafelkraan 0,083 -
- wastafelmengkraan 0,083 0,042
- douchemengkraan 0,083 0,042
- bidetmengkraan 0,083 0,042
- keukenmengkraan 0,167 0,083
- badmengkraan 0,167 0,083
- tapkraan ½" (slangwartel) 0,167 -
- tapkraan 3/4" , , , 0,250 -
- tapkraan 1" , , , 0,500 -
- closet spoelkraan 0,992 -
- urinoir spoelkraan 0,235 -
Voor speciale toestellen moeten de voorwaarden van de leverancier in acht worden genomen. (stoomcabines-douchepanelen-grote baden etc.)
Bij vragen of onduidelijkheden kunt U ten alle tijden het VEWIN werkbladenboek Drinkwaterinstallaties raadplegen.
Monteren en aansluiten van een ligbad
Monteren en aansluiten van een ligbad
Bad zo laag mogelijk stellen met de syfon minimaal 1 cm vrij van de vloer.
Badranden welke aan een wand grenzen altijd ondersteunen met een raggel.
De raggel voor plaatsing van het bad voorzien van siliconen kit.
Bij voorkeur de badplug-overloop aan de voorzijde houden.
Na het waterpas stellen dienen alle stelpoten vast op de vloer te staan.
De badrand(en) aan de bovenzijde(n) afkitten langs de muur.
Na plaatsing dient de afvoer inclusief overloop getest te worden.
Hierna badkuip vullen en vol water laten staan, zodat badkuip zich kan zetten.
Bij het inmetselen/integelen dient het bad te worden beschermd tegen beschadigingen.
Monteren en aansluiten van een ligbad met Spa en/of Whirlpoolsysteem
Plaatsen en stellen zoals bij ligbad.
Na het stellen dienen alle stelpoten van het frame vast op de vloer te staan.
Het frame dient geaard te worden.
Elektrisch aansluiten middels een wandcontactdoos met randaarde welke
aardlek beveiligd dient te zijn
Deze wandcontactdoos met grondplaat monteren tegen de muur aan.
De werking van het systeem dient getest te worden.
In de badmuur dient altijd een revisierooster t.b.v. de luchtaanzuiging en onderhoud van het systeem te worden aangebracht. Dit rooster moet, indien mogelijk, ter plaatse van de motor en schakelkast worden aangebracht.
Monteren en aansluiten van een douchebak
Douchebak zo laag mogelijk stellen met de syfon minimaal 1 cm vrij van de vloer.
Douchebakranden welke aan een wand grenzen dienen altijd ondersteund te worden door een raggel of metselwerk.
De raggel voor plaatsing van de douchebak voorzien van siliconen kit.
Na plaatsing de douchebakrand(en) langs de wand(en) afkitten.
Na het aansluiten de afvoer testen.
Bij het inmetselen/integelen de douchebak beschermen tegen beschadigingen.
Alvorens een douchebak wordt geplaatst moet men kennis nemen van de
maatvoeringen van de douchewand. Dit voor wat betreft de minimale en maximale verstelbaarheid van de douchewand. E.e.a. kan belangrijk zijn voor de afstand van de douchebak t.o.v. de muur.
Baden en Douchebakken met een Voorpaneel
Plaatsen en stellen als bij Bad en Douchebak met dit verschil dat de hoogte van het paneel maatbepalend is.
Alvorens het bad of de douchebak gesteld wordt dient de hoogte van de
afgewerkte vloer te worden bepaald.
Douchebakken met een Styropor stelblok
Alvorens de douchebak wordt geplaatst dient de vloer waterpas afgesmeerd te zijn en de afvoerplug op maat te zijn gemonteerd.
Indien het een in de vloer verzonken montage betreft, dient het afgewerkte vloerniveau nooit hoger te zijn dan de onderzijde van de douchebakrand.
De douchebakrand blijft dus altijd boven de vloer.
Tussen het styropor en de douchebak dient een kontakt folie te worden aangebracht.
Stoomcabines
Deze bestaan in diverse uitvoeringen maar zijn te verdelen in 2 soorten nl: stoomcabines die worden ingebouwd en stoomcabines die na uitvoering van het tegelwerk worden geplaatst.
Voor de laatst genoemde is het vereist dat de vloer waterpas is aangebracht en dat de muren waar de cabine aan grenst te lood staan.
E.e.a. is noodzakelijk gezien de geringe verstelbaarheid van deze stoomcabines.
Het leidingwerk t.b.v. stoomcabines dient volgens de pré-montage handleiding te worden geinstalleerd.
De geringe ruimte achter en onder de stoomcabines vereist het wegwerken
van de leidingen in vloer en muur.
Badkuip en douchebak met een gecombineerde douchewand op maat
Bij deze opstelling is het maatverschil tussen de douchedeur en de zijwand tevens het maatverschil in stelhoogte tussen de douchebak en de badkuip.
In de praktijk betekent dit dat het bad op de normale wijze wordt geplaatst en dat de douchebak naar het maatverschil wordt gesteld.
Integelen van kunststof baden en douchebakken
Bij het integelen van Acryl en Quaryl baden en douchebakken is het van belang dat het tegelwerk niet in contact komt met het bad of de douchebak i.v.m. het uitzetten van deze producten.
Alle aansluitingen tussen het tegelwerk en de bad- of douchebakranden dienen te worden afgewerkt met een siliconenkitnaad.
Bij het inmetselen van een bad of douchebak dienen de Ytongblokken dusdanig ver onder de rand te worden aangebracht dat de wandtegel de voorzijde van de voorrand niet passeert. Dit is uiteraard niet van toepassing wanneer er een tegelrand wordt
toegepast.
Badwanden
Badwanden en Badklapwanden dienen langs de binnenrand van de badkuip te worden gemonteerd.
Het muurprofiel dient aan de buitenzijde te worden afgekit.
Douchedeuren en Wanden
Douchedeuren en wanden welke rondom in een profiel zijn afgewerkt kunnen over de gehele breedte van de douchebakrand worden gemonteerd daar deze in zijn geheel aan de buitenzijde dienen te worden afgekit.
Douchedeuren zonder onder profiel kunnen indien de maat van de zijwand dit toelaat het beste langs de binnenrand van de douchebak worden gemonteerd.
Douchemengkranen opbouw
Deze kranen worden standaard in het hart van een van de wanden geplaatst. De inbouwhoogte van de Gemini muurplaat is 110cm uit de douchebakvloer.
De S-koppelingen dienen voor de montage van de kraan te worden afgekit.
Na montage van de kraan mag er geen schroefdraad van de S-koppelingen
meer zichtbaar zijn. Indien nodig dienen deze op maat te worden gezaagd.
Inbouw douchemengkranen
Inbouwhoogte en hartmaat is gelijk aan die van de opbouwmengkraan.
De plaats van eventuele zijdouches en hoofddouche wordt in overleg met de klant bepaald.
In kombinatie met een glijstang/handdouche/doucheslang dient de aansluitknie links of rechts naast de bediening te worden gemaakt zodanig dat de doucheslang niet over de bedieningsknoppen hangt.
Douchepanelen
Douchepanelen bestaan er in diverse soorten en maten en gaan altijd vergezeld van een pré-montage voorschrift. Dit voorschrift dient ten alle tijde te worden gevolgd.
Glijstangen en hoofddouches
Deze worden standaard in het hart boven de kraan gemonteerd.
Let bij afwijkingen op de waterleidingen in de muur.
Badmengkranen opbouw
De plaats van de badmengkraan is sterk afhankelijk van de breedte van de badrand en de wensen van de klant.
Standaard bij een rechthoekig ligbad is 2/3 vanaf rugzijde en 1/3 vanaf voeteneind.
Bij een Duobad (aan beide zijde gelijk) in het hart.
Bij baden met een douche gedeelte in het hart van de douchevloer.
Bij hoekbaden er op letten, dat de kraan niet in het ruggedeelte wordt gebouwd.
De muurplaat dient 10cm boven de badrand te worden ingebouwd.
Ook hier geldt dat na montage geen schroefdraad zichtbaar mag zijn.
Bij baden met een klapwand dient de kraan buiten het draai-bereik van de wand te blijven. Hiertoe de badwand opmeten.
Men dient zich er van de overtuigen dat de badmengkraan niet boven bedienings punten van bv. een Whirlpool of ingebouwde handgrepen in het bad komt te staan.
Badmengkranen 2,3 en 4 gats op badrand
De plaats van deze kranen is afhankelijk van de breedte van de badrand en dient altijd in overleg met de klant te worden bepaald. Het verdient aanbeveling de kranen zodanig te monteren dat zij na inbouw nog te bereiken zijn bv. aan de voorzijde van het bad.
Inbouw van deze kranen in een tegelrand geschiedt uitsluitend indien hiervan melding wordt gemaakt in de montage-omschrijving. Toepassing van een speciaal frame is hierbij noodzakelijk.
Wastafelmengkranen
In de praktijk gaat het hier bijna altijd om de eengatsmengkraan.
Deze kranen zijn meestal uitgevoerd met 10mm aansluitleiding of slangen met een 10mm tule.
De kranen dienen te worden aangesloten met flexibele aansluitslangen. Op de waterleidingen dienen chrome haakse Nillstopkraantjes 12mmx3/8"chr. te worden gemonteerd welke worden afgewerkt met een rozet.
Dit geldt uiteraard niet bij toepassing van een syphonkap.
In een badmeubel dienen de verbindingen te worden aangelegd met gebruikmaking van knelfittingen.
Fonteinkranen
De water aansluiting van deze kranen is meestal 1/2" buitendraad.
De kranen dienen te worden aangesloten met een flexibele aansluitslang 3/8"x1/2". Ook hier wordt een haakse Nillstopkraan toegepast.
Keukenmengkranen
Zie wastafelmengkraan.
Bidetmengkranen
Zie wastafelmengkraan.
Beluchter wasautomaatkraan
Deze kranen worden altijd in de nabijheid van de wasautomaat of vaatwasautomaat geplaatst en dienen altijd bereikbaar te zijn.
De meeste Waterleiding Bedrijven eisen dat er een keerklep direct voor de kraan wordt gemonteerd. Deze keerklep is reeds standaard in de meeste wasautomaatkranen ingebouwd.
Standaard hoogte van de kraan 120cm. Uitzondering hierop vormt de situatie, waarbij sprake is van een afwerkblad op de toestellen.
Slangwartel buitenkranen
Deze kranen dienen altijd te worden aangesloten op een leiding welke is voorzien van een stopkraan met daar achter een keerklep met aftapper welke op een vorstvrije plaats in de leiding zijn aangebracht.
Duoblokken
Deze zijn er in vele maten en soorten maar worden indien de privaataansluiting het toelaat altijd met de achterzijde van het reservoir tegen de muur geplaatst.
Om de plaats van het duoblok t.o.v. het privaat enige centimeters te verstellen kan men gebruik maken van een excentrisch potmanchet.
Bij voorkeur wordt de waterleiding achter of onder het reservoir ingevoerd zodat de waterleiding uit het zicht blijft.
Is dit technisch niet mogelijk dan altijd gebruik maken van een chrome hoekstopkraan.
Inbouwreservoirs
Deze zijn onder te verdelen in 3 soorten:
- reservoirs die geheel worden ingemetseld
- reservoirs die worden ingebouwd met plaatmateriaal
- reservoirs die worden afgesmeerd aan de voorzijde
Inbouw hoogten varieren van 80 tot 120cm.
Voor alle reservoirs geldt dat zij stevig aan de wand moeten worden bevestigd en dat zij strak ingebouwd moeten worden.
De standaard hoogte van de hartmaat van de closetafvoer is 23cm uit de afgewerkte vloer. De meeste mensen geven echter de voorkeur aan een toilet dat enkele cm hoger wordt geplaatst. Daarom dient U alvorens het reservoir te plaatsen dit met de klant te bespreken.
De ophang-draadeinden van het wandcloset kunnen op 2 manieren in het reservoir worden gedraaid. Controleer de maat aan de hand van de gaten in het wandcloset.
Inbouwframe Bidet
Deze inbouwframe's dienen deugdelijk te worden bevestigd aan de vloer en wand. De hoogte van een bidet is het zelfde als die van een closet.
De afvoer dient te worden aangeloten met een chrome bekersyphon en muur of vloerbuis.
Wastafels
Wastafels kunnen van diverse soorten materiaal gemaakt zijn bv. porcelein, geemailleerd plaatstaal, rvs en kunststof.
Wastafels zijn onder te verdelen in 3 soorten:
- vrijhangend
- met syphonkap
- met zuil
Standaard hoogte van een wastafel is 90cm.
Bij een wastafel met zuil is de hoogte van de zuil maatbepalend.
Afvoeren van wastafels die vrijhangend of met zuil zijn uitgevoerd dienen altijd met een chrome plug of bekersyphon en chrome muur of vloerbuis te worden aangesloten.
Afvoerpluggen voor wastafels dienen te worden voorzien van een patentring of siliconen afdichting om bij een gesloten plug leeg lopen te voorkomen.
Badkamermeubelen
Deze zijn te verdelen in 2 soorten: staand en hangend.
De hoogte van het wastafelblad van het staande meubel is niet variabel
Van een hangend meubel is de standaard hoogte van het blad 90cm.
Bij montage van een meubel dienen alle deuren uit de kasten te worden gedemonteerd teneinde beschadiging tijdens de montage te voorkomen.
Ook dient tijdens de montage het wastafelblad te worden afgedekt.
Bij meubelen met een dubbele waskom dienen de leidingen, als het een
nieuw te maken badkamer betreft, in de muur op maat gemaakt te worden.
Verbindingen op de waterleidingen maken m.b.v. knelfittingen.
Fonteinen
Zie wastafels.
Decor-Radiatoren
Hiervoor gelden geen standaard montage maten.
De hoogte bepaling van de radiator dient altijd i.o.m. de klant te geschieden.
De aansluitleidingen dienen zoveel mogelijk te worden weggewerkt in de
vloer, muur of plafond en moeten op aansluitmaat worden gesteld.
De aansluitfittingen welke in het zicht blijven dienen verchroomt te zijn.
Aansluitleidingen welke in het zicht blijven dienen in staal-verzinkte buis te worden uitgevoerd.
Wanneer een radiator met de aanvoer en retourleiding aan de bovenzijde wordt aangesloten dient in de aanvoerleiding een adaptor te worden gemonteerd.
Als een thermostatische kraan wordt toegepast moet deze altijd in de
aanvoerleiding worden gemonteerd.
Radiatoren in badkamers dienen altijd geaard te worden.
Ventilatoren
In badkamers worden 2 soorten ventilatoren toegepast:
Ventilatoren die direct op het ontluchtingskanaal worden gemonteerd en de kanaalventilatoren welke op een willekeurige plaats in het kanaal kunnen worden gemonteerd.
De capaciteit van de ventilator wordt berekend naar de inhoud van de badkamer.
Badkamerventilatoren worden apart geschakeld zodat zij op elk gewenst moment in werking kunnen worden gesteld.
Uitzondering hierop zijn de hygrostaat-ventilatoren welke reageren op de luchtvochtigheid en de ventilatoren welke zijn voorzien van een timer.
Deze laatste worden meestal toegepast in toiletruimten en schakelen aan op de verlichting en hebben een in te stellen nalooptijd.
Ventilatoren welke in een aluminium lamellenplafond worden gemonteerd moeten altijd middels een flexibele kunststof slang worden aangesloten om trillingen te voorkomen.
Aluminium lamellenplafonds
Deze plafonds worden verlaagd opgehangen. De verlaging dient zo klein mogelijk gehouden te worden maar bedraagt meestal 7 tot 12cm.
De lamellen kunnen parallel aan de wanden of diagonaal worden gemonteerd.
Bij het passeren van deur en of raamkozijnen wordt bij voorkeur een koofconstructie gemaakt hetgeen inhoud dat de lamellen strak voorbij het kozijn lopen en de overgebleven ruimte zal worden afgedekt met een stuk lamel in kleur van het plafond.
In natte ruimten dienen deze plafonds altijd geaard te worden.
Kontakt met leidingen dient te worden voorkomen i.v.m. het uitzetten van het materiaal wat een hinderlijk geluid oplevert.
Transformatoren van ingebouwde halogeenspots dienen ook geen kontakt te
maken met het plafond i.v.m. hinderlijk brommen.
Schuurplafonds
Schuurplafonds worden gemaakt van een houten raggelwerk met gipsplaten.
Deze stukanet gipsplaten dienen na het tegelwerk te worden aangebracht waarbij het belangrijk is dit plafond uit te zichten op de laatste horizontale voeg van het tegelwerk. De platen onderling mogen een open naad hebben van een 1/2cm.
De aansluitingen van de platen tegen de muur mogen slechts een paar mm open staan.
Elektrische vloerverwarming
De kabel of mat aanbrengen volgens installatie-voorschrift.
De kabel of mat dient alle loopvlakken te bestrijken maar mag nooit onder een bad of douchebakruimte worden aangebracht om verdamping van't syphonwater te voorkomen. Let op plaatsen waar bij de afmontage in de vloer moet worden geboord.(bv: duoblok, zuil etc.)
De plaats van de klokthermostaat wordt in overleg met de klant bepaald.
De voeler van de thermostaat dient altijd in het te verwarmen oppervlak te worden aangebracht.
Na het aanbrengen van de vloerverwarming dient de weerstand te worden gemeten en geregistreerd. Dit dient ook voor de montage van de klokthermostaat te geschieden om eventuele gebreken te constateren.
Accessoires
Accessesoires dienen altijd in overleg met de klant te worden gemonteerd.
De monteur heeft hier een adviserende taak.
Uitvoering werkzaamheden
Voor aanvang van een werk worden de installatiematerialen, bouwmaterialen, tegels en sanitair aangevoerd. Hiervoor wordt door de magazijnbeheerder een afspraak gemaakt met de klant.
Er dienen altijd enige m2 tegels in het magazijn achter te blijven t.b.v. het verstekzagen door de tegelzetter.
Bij aflevering van de materialen dient rekening gehouden te worden met de volgorde van verwerking zodat de eerst benodigde materialen goed bereikbaar zijn.
Eventuele manco's dienen gemeld te worden.
Materialen welke gedurende de werkzaamheden niet meer nodig zijn dienen zoveel mogelijk te worden afgevoerd.
Installatie materiaal door de monteur en bouwmateriaal door de tegelzetter.
Sloopwerk
Alvorens met de demontage van het sanitair wordt begonnen dient men met de klant te overleggen of deze bepaalde materialen wil behouden bv.sanitair of accessoires. Tevens dient te worden gecontroleerd of de bestaande afvoeren naar behoren werken en of er tijdens het bedienen van de kranen waterslag plaats vindt, onregelmatigheden dienen aan de klant te worden gemeld.
Tijdens het sloopwerk dient de overlast van stof zo klein mogelijk gehouden te worden.
Tijdens het slopen dient het beschadigen van bestaand blijvende wanden, plafonds, vloeren, trappen en kozijnen te worden voorkomen.
Sloopmaterialen dienen indien nodig i.o.m. de magazijnbeheerder te worden afgevoerd.
Sloopmaterialen moeten op de zaak worden gescheiden
- Karton en papier in de daarvoor bestemde container.
- Plastic en kunststof in de kleine container.
- Puin en metaal in de grote container buiten.(zakken ledigen)
Wanneer na het slopen geen toilet meer in de woning aanwezig is dient hier een alternatief voor te worden geboden.
Installatiewerk
Tijdens het installatiewerk dienen de periodes dat de klant zonder water, elektra, verwarming en/of afvoeren komt te zitten zo kort mogelijk te zijn.
Indien de wasautomaat vanuit de badkamer naar zolder wordt verplaatst dienen deze werkzaamheden als eerste te worden uitgevoerd, zodat de klant z.s.m. weer over deze voorziening kan beschikken.
Alvorens met het installeren wordt aangevangen dient men kennis te nemen van de installatie en aansluit-maatvoeringen van het sanitair.
Dit kan geschieden door raadpleging van de sanitairspecificatie en het uitpakken van het sanitair. Eventuele manco's of beschadigingen dienen gemeld te worden bij de directie.
Water, gas en cv-leidingen welke worden ingemetseld dienen altijd te zijn voorzien van een mantelbuis. Geinstalleerd leidingwerk en sanitair dient voor inbouw te worden getest.
Metsel en tegelwerk
Tijdens deze werkzaamheden dienen de ruimten in de nabijheid van de werkruimte zo schoon mogelijk te blijven.
Het slijpen van tegels dient altijd buiten te worden gedaan.
In te bouwen sanitair dient tegen beschadiging te worden beschermd en na inbouw te worden ontdaan van lijm en kitresten.
Metingen van geintegreerde spiegels en dorpels worden door de tegelzetter uitgevoerd en zo snel mogelijk doorgegeven aan het kantoor zodat deze kunnen worden besteld.
Indien er kokers, muurtjes of nissen worden gemetseld, dient de tegelzetter er op te letten, dat hiernaast, tussen of tegenaan te plaatsen sanitair voor wat betreft de maatvoering na het betegelen ook nog te plaatsen is.
Tegelwerk dient zoveel mogelijk vanuit het midden te worden verdeeld, waarbij rekening dient te worden gehouden met het verstekzagen van de uitwendige hoeken.
Oude specie-, stuk- of spuitlagen dienen zoveel mogelijk te worden verwijderd.
Zuigende ondergronden dienen altijd te worden voorbehandeld.
Inwendige hoeken van wanden van verschillende materiaalsoorten afkitten.
In een douchegedeelte altijd kitten.
Bij douchen op de vloertegels in kombinatie met een vloerput, dienen de aansluitingen van wand op vloer te worden ingesmeerd met kimpasta.
Hierbij het douchegedeelte altijd op afschot leggen naar de vloerput toe.
Montage van de vloerput altijd door monteur in overleg met tegelzetter.
Positie van decortegels en hoogte van de decorstrippen dienen indien niet omschreven in de order door de tegelzetter met de klant te worden overlegd.
Bij toepassing van een verlaagd plafond altijd rekening houden met de benodigde ruimte voor de montage van de kantlijst op de wandtegel.
Afmontage
Bij afmontage dienen de verpakkingsmaterialen altijd door ons te worden afgevoerd.
Na het gereed komen van de afmontage wordt de badkamer schoon opgeleverd en wordt de klant uitleg gegeven over de bediening van het sanitair.
Maatvoeringen van aansluitleidingen
Wastafel vrijhangend standaard hoogte 90cm
------------------------------------------
Afvoer 32mm hoogte 58cm
KWL 12mm hoogte 65cm 5cm rechts uit hart afvoer
WWL 12mm hoogte 65cm 5cm links uit hart afvoer
Wastafel met syphonkap standaard hoogte 90cm
--------------------------------------------
zie wastafel vrijhangend
Hartmaat KWL-WWL afhankelijk van ruimte in syphonkap
Fontein
Afvoer 32mm hoogte 65cm
KWL 12mm hoogte 70cm 10cm rechts uit hart afvoer
Hoekfontein
Hoogte zie fontein
Links/rechts maatvoeringen opmeten
Meubel
zie wastafel vrijhangend
Aansluitdiameters
Toestel KWL WWL Afv
bad 40mm
badmengkraan 15mm 15mm
douchebak 40mm
douchemengkraan 15mm 15mm
wastafel 32mm
wastafelmengkraan 12mm 12mm
fontein 32mm
fonteinkraan 12mm
duoblok 12mm 110mm
bidet 32mm
bidetkraan 12mm 12mm
inbouwreservoir 12mm 110mm
vloerput 40mm
Radiator aanvoer en retour 15mm
Elektrisch
Voedingen met aarde; Spa-systeem
Whirlpool
Stoomcabines
Wandcontactdoos
Elek.vloerverwarming
Wasautomaatschakelaar
Meubel/spiegelverlichting
Wandlampen met aardblok
Elektrische badkamer straalkachel
Elektrische radiator
Voedingen zonder aarde; Ventilatoren
Aardingen
De volgende toestellen en constructies dienen in natte ruimten altijd
geaard te worden;
Inbouwreservoir
Radiator
Bad plaatstaal
Douchbak plaatstaal
Bad met Spa-systeem
Bad met Whirlpool-systeem
Stoomcabine
Aluminium plafond
Lewisplaten vloer
Waterleidingen
Aardnet in douchevloeren